2009 - 2016

De catastrofe met het herstel.

Op zaterdagochtend 16 mei 2009 doet Armand de deur van de opslagplaats in Halle open. Een warmtevlaag blaast hem letterlijk omver. Met een bonzend hart stormt hij naar de warme kamer.

Deze ruimte, die vol ligt met gistende en rijpende flessen, heeft normaal een constante temperatuur van 18°C. Maar door een defect aan de thermostaat is de temperatuur opgelopen tot 50-60°C. Er zijn op dat moment al 13.000 flessen ontploft door de druk en Armand hoort nog de ene na de andere fles verder knallen. De zaal is veranderd in een oorlogsgebied.

Aan de grond genageld door de schok, is het enige wat Armand op dat moment kan denken “We zijn failliet”. De warme kamer bevat de jaarvoorraad aan verkoopbare stock, en dus ook aan inkomsten. Maar dat is buiten Armands toenmalige verloofde gerekend. Met een handvol enthousiastelingen helpen ze Armand en de brouwerij er weer bovenop. Bevriende brouwers helpen 3 Fonteinen met uitgestelde betalingen en er is zelfs één Amerikaanse brouwer die een deel van de verkoop van een speciaal brouwsel aan Armand schenkt. (bron)

De zaal is een oorlogsgebied waarin Armand nog de ene na de andere fles hoort knallen. Aan de grond genageld door de schok, is het enige wat hij kan denken: “We zijn failliet.”

Op zaterdagochtend 16 mei 2009 doet Armand de deur van de opslagplaats in Halle open. Een warmtevlaag blaast hem letterlijk omver. Met een bonzend hart stormt hij naar de warme kamer. Deze ruimte, die vol ligt met gistende en rijpende flessen, heeft normaal een constante temperatuur van 18°C. Maar door een defect aan de thermostaat is de temperatuur opgelopen tot 50-60°C. Er zijn op dat moment al 13.000 flessen ontploft door de druk en Armand hoort nog de ene na de andere fles verder knallen. De zaal is veranderd in een oorlogsgebied.

A pile of broken and intact green glass bottles lies on the ground next to crates and a wheelbarrow in an industrial area.De opwarming in de warme kamer door een defecte thermostaat deden heel wat flessen ontploffen.

De leerkracht distilleertechnieken aan Elishout, waar Armand toen een cursus volgde, gaat mee in een ander zot idee: ze gaan de geuze distilleren. Na enkele tests blijkt het zowaar te marcheren. Het bier was geoxideerd, maar de neus zat nog helemaal goed en dat levert een smakelijk distillaat op. De twee weekends na de ramp komen een honderdtal vrijwilligers helpen om 65.000 flesjes geuze uit te gieten. Het wordt de basis voor de Armand’Spirit, een fijne eau de vie met geuzekarakter, gedistilleerd door de Distillerie de Biercée.

Armand heeft daarnaast ook nog wat zelfgebrouwen lambikken op eikenhouten vaten liggen, die bedoeld waren om te versnijden in de toekomstige assemblages. Enkele Amerikaanse vrienden inspireren hem om een speciale assemblage te maken van uitsluitend 3 Fonteinen lambikken. Die unieke reeks van blends gaat de geschiedenis in als de Armand’4 reeks: Lente, Zomer, Herfst en Winter. De geuzes worden gebotteld in een mooie fles en de verkoop ervan overtreft zijn stoutste dromen.

Tegen 2011 heeft Armand de brouwinstallatie verkocht en een groot deel van zijn privé-vermogen in de zaak gestoken. De steun van vrienden, familie en fans, en de verkoop van de Armand’4 en de Armand’Spirit brengen samen allemaal net genoeg geld in het laatje om Brouwerij 3 Fonteinen te laten overleven. Met maar één doel: blijven verderdoen.

Person filling a ceramic jug with liquid from a large wooden barrel, wearing a dark jacket, in a setting with white brick walls.Michaël 'Mich' Blancquaert haalt verse lambik van de ton.

Met het hoofd net boven water, maar meer dan ooit gemotiveerd, gaat Armand op zoek naar een nieuwe productiemedewerker. Al gauw ziet hij in Michaël Blancquaert, op dat moment 26, een jongere versie van zichzelf: gedreven door het ambachtelijk proces, gepassioneerd door de traditie en leergierig. Iemand met een goeie neus ook, voor wie kwaliteit het hoogste goed is.

Armand ziet in Michaël een jongere versie van zichzelf: gedreven door het ambacht, gepassioneerd door de traditie en leergierig. Iemand voor wie kwaliteit het hoogste goed is.

Niet veel later drukken Armand en “Mich” hun wens uit om weer zelf te brouwen. In 2012 gaan ze voor een kleine, op maat gemaakte brouwerij op de bekende plek in de Hoogstraat. De netto koelschip-capaciteit is ongeveer 3.000 liter. Ze zijn weer vertrokken. Maar de verspreiding van de activiteiten blijft een probleem. De lambik en afgewerkte flessen moeten vervoerd worden tussen vier verschillende locaties. De logistieke nachtmerrie kost het team op dat moment al meer dan 200 mandagen per jaar. Daarom begint het plan te rijpen om één centrale plek te vinden voor alle activiteiten, behalve het brouwen zelf.

Interior of a brewery with large metal tanks, pipes, and equipment. Two people stand near the entrance, illuminated by natural light.Een stilleven van de brouwerij in Beersel (© Matthew 'Fuj' Scher).

Op een zomerse zaterdagochtend in 2013 staan Michaël en Armand met enkele ingewijden te praten over deze plannen. Op dat moment stapt Werner Van Obberghen de winkel binnen om zijn bakske geuze te kopen. Elf jaar eerder had hij zijn eindwerk gemaakt over de problematiek van de kleine artisanale geuzesteker, en hij kende Michaël ook al van een brouwopleiding. Hoewel ze geen vreemden waren voor elkaar, voelde hij zich vereerd toen Armand hem naar achteren riep om hem de ideeën toe te lichten.

Werner stelt voor om vrijwillig en vrijblijvend een businessplan te maken voor de volgende stap. Armand heeft nooit iets gehad met cijfers — voor hem telde enkel het aantal liters in de vaten, voor de accijnzen. Op dat moment is Brouwerij 3 Fonteinen nog zwaar verlieslatend, sinds het begin van haar bestaan trouwens. Elk jaar stak Armand er een deel van zijn eigen centen in. De uitdaging om het bedrijf gezond te maken, een toekomstvisie uit te schrijven én die vertaald te krijgen voor de banken, is dus niet min. De traagste aller bierambachten moet nu voor het eerst gaan rijmen met een financieel perspectief.

De traagste aller bierambachten moet nu voor het eerst gaan rijmen met een financieel perspectief. Die uitdaging is niet min.

Michaël en Werner hebben er al hun volgende zaterdagen en zondagen voor nodig. Het is tijdens die lange sessies dat de twee vrienden worden en de fond leggen voor de opvolging waar Armand Debelder zo lang van gedroomd heeft. Wanneer hij ze samen ziet overleggen en tokkelen aan de laptop, in het kleine keukentje achteraan de winkel in Beersel, zegt hij langs de neus weg “Ik zie graag wat ik nu zie gebeuren.” Het is een zinneke dat voor altijd blijft plakken bij zijn twee nieuwe vennoten.

Armand Debelder standing proudly between Michaël Blancquaert and Werner Van Obberghen in the barrel room, smiling at the camera.Werner, Armand en Michaël.

In 2015 vinden ze dan de perfecte locatie in de Molenstraat in Lot. Een grote ruimte, droog, met stevige vloeren die de lambikvaten en de hele voorraad flessen kunnen torsen. En dat op enkele tientallen meters van de Zenne. De droom van één plek voor heel 3 Fonteinen kan nu echt gaan uitkomen.

Terug naar de volledige tijdlijn